wo 2803

PERSBERICHT: Blauwdruk HR Shared Service Center bestaat niet

Vijf multinationals onthullen hun ‘lessons learned’

Baarn, 28 maart 2012 – Een best practice voor het inrichten van een HR Shared Service Center (SSC) bestaat niet. Wel kan worden geleerd van praktijkvoorbeelden van Ahold, ING, Philips, Shell en Unilever. Het boek ‘HR Shared Service Center Visionary Club, best practices, lessons learned’ deelt de ervaringen en expertise van vooraanstaande HR-directeuren op het gebied van HR SSC.

Het effectief inrichten en laten werken van een SSC vereist de nodige expertise. Een blauwdruk bestaat niet. Wat zijn de ‘lessons learned’ van HR professionals van multinationals? Welke ervaring hebben deze HR-directeuren opgedaan tijdens de inrichting en realisatie van het SSC? Dit waren de belangrijkste vragen tijdens de gesprekken aan de eettafel tussen Guido Braam, Sharon Janssen en Thomas Joustra (Kirkman Company) en John de Waal (HR Ahold), Jille Tabak (HR Unilever), Marc Peeters (HR Philips), Nick Koot (voormalig HR ING) en Denis Sacre (voormalig HR Shell). Samen hebben zij hun ervaringen gedeeld en deze gebundeld in het boek.

Geen ‘best practices’ maar ‘lessons learned’

De conclusie is dat elke organisatie het SSC moet optuigen op basis van zijn eigen specifieke situatie. Het gaat onder andere om de cultuur, de scope van de dienstverlening (global/local) en de interne context van een organisatie. Het boek beschrijft niet die ene manier waarop het SSC een succes wordt, maar het geeft een kijkje in de keuken. De co-auteurs roepen de HR-professional op om ervaringen met andere bedrijven uit de markt te delen. Door samenwerken wordt het voor de organisatie duidelijker hoe het SSC in de eigen organisatie in te bedden. ‘Voorwaarde is dat eerst op strategisch niveau wordt bepaald waarom een SSC wordt opgetuigd en wat de impact op de organisatie is. Wie wil je zijn?’, aldus Sharon Janssen. Guido Braam vult aan: ‘Te vaak wordt onderschat hoe belangrijk de kwaliteit van SSC’s zijn, niet alleen die van HR. Bedenk maar eens hoeveel klanten je kwijt kan raken door chagrijnige medewerkers die de klant niet ontzorgen’. Hier sluit Jille Tabak (HR Unilever) zich bij aan: ‘Goede dienstverlening gaat niet om naar de klant lachen, maar om de klant te laten lachen.’

Meer informatie: k.van.der.ouderaa@kirkmancompany.com of koop het boek op managementboek.nl

 

Tags: , ,
vr 2402

Shared Service Center: geleerde lessen

Al meer dan 25 jaar zijn bedrijven bezig met het opzetten van Shared Service Centers. Wat zijn de huidige trends, en wat is de toekomst?

Half maart verschijnt het boek: HR Shared Service Center Visionary Club; Best Practices Lessons Learned.

Het boek is een gezamenlijk project van verschillende HR-directeuren en Kirkman Company om geleerde lessen te delen met betrekking tot HR Shared Service Centers. Tweemaandelijks kwamen de HR-directeuren bij elkaar om hun ervaringen en visies te delen.

Download de PDF voor het gehele artikel.

Tags: ,
ma 0602

Afstudeeronderzoeken bij Kirkman Company: Horizontale samenwerkingsverbanden tussen ondersteunende ziekenhuisafdelingen

Meike van der Ploeg, voormalig stagiaire bij Kirkman Company en momenteel YSE-trainee, heeft vanuit haar studie Strategic Human Resource Management aan de Utrechtse School voor Bestuur en Organistiewetenschappen onderzoek gedaan naar horizontale samenwerkingsverbanden tussen ondersteunende ziekenhuisafdelingen, waarbij relationele en gedragsaspecten in context werden geplaatst. Hierbij vond ze dat commitment, vertrouwen, coöperatie, communicatie, conflictbeheersing en een wederzijdse klik de belangrijkste relationele en gedragsaspecten zijn voor een optimaal functioneren van een samenwerkingsverband.

Binnen de gezondheidszorgsector wordt de afgelopen jaren meer en meer samenwerking gezocht als reactie op veranderingen in de context. De keuze voor horizontale samenwerking op ondersteunende diensten geeft zorginstellingen de mogelijkheid om schaalvoordelen en daarmee efficiëntie en kostenbesparing te realiseren. Velen bereiken echter niet hun beoogde doelstellingen.

Vanuit de procesbenadering is gekeken hoe relationele en gedragsaspecten invloed hebben op de relatie tussen samenwerkingspartners.  Tot nu toe hebben onderzoekers zich voornamelijk gericht op het niveau van de organisatie, dat wil zeggen op macroniveau. Deze studie analyseert specifiek samenwerkingsverbanden op afdelingsniveau, waarbij interpersoonlijke en intergroepsaspecten een rol spelen.

Uit het onderzoek blijkt dat op microniveau een sterk belang wordt toegeschreven aan de relationele aspecten commitment en vertrouwen. Daarnaast worden de volgende gedragsaspecten van belang geacht: coöperatie, communicatie, conflictbeheersing en een wederzijdse klik. Deze aspecten beschrijven zowel een direct als indirect belang voor het succes van een samenwerkingsrelatie.

Ook komt uit dit onderzoek naar voren dat het effect van relationele en gedragsaspecten voornamelijk betrekking heeft op de versterking van de continuïteit van de samenwerkingsrelatie. Vanuit deze relationele en gedragsaspecten wordt de uitgesproken wens ontwikkeld om bij elkaar te blijven en de daarvoor noodzakelijke offers te leveren.

Indirect blijkt een duidelijk positief effect van verschillende gedragsaspecten op de relationele aspecten, commitment en vertrouwen. In deze relatie dragen gedragsaspecten bij aan de toename van het vertrouwen en commitment ten opzichte van de samenwerkingsrelatie en de samenwerkingspartner. Aangezien het directe belang van deze relationele aspecten voor het succes van samenwerking eerder is aangetoond, kan gesteld worden dat bovengenoemd effect een optimalisatie van het functioneren van het samenwerkingsverband creëert.

Een belangrijke aanbeveling voor vervolgonderzoek richt zich dan ook op de bestudering van meerdere effectrelaties tussen relationele en gedragsaspecten en het effect hiervan op het succes van samenwerking binnen de zorg.

Tags: ,